Direct door naar content
Bij ‘gymjuf’ Judith de Backer doet iedereen mee afbeelding nieuwsbericht

Bij ‘gymjuf’ Judith de Backer doet iedereen mee

18 december 2018

Voor buurtsportcoach Judith de Backer staat een ding als paal boven water: niemand mag voor spek en bonen meedoen aan een gymles of workshop. Dus heeft ze allerlei slimme aanpassingen van spelregels en spelopstellingen bedacht. “Als ik een klas heb met een leerling met een beperking ga ik net zo lang broeden tot ik zie hoe iedereen met plezier mee kan doen.”

Koprol als een knakworst
Als buurtsportcoach onderwijs en sport geeft Judith les op drie scholen in Beuningen. Samen met haar collega’s organiseert ze ook clinics. “Bewegen is belangrijk voor de motoriek en het ruimtelijk gevoel van kinderen. En nu er minder buiten gespeeld wordt is de gymles extra waardevol voor de sociale vaardigheden van kinderen. Hier moeten ze samenwerken.” Als ‘gymjuf’ wil ze overbrengen hoe leuk bewegen is. “Er zijn kinderen die een hekel hebben aan koppeltje duiken. Dan laat ik ze zien dat ze kunnen koppeltje duiken als een gehaktbal (voorover) maar ook als een knakworst (op hun zij). Zo leren ze dat je altijd wel iets kunt. En vaak krijgen ze er dan zo’n plezier in dat die gehaktbal er vanzelf komt. Als ik ze te veel push lukt dat niet.”

In de praktijk ondervinden
Die pragmatische aanpak zet Judith ook in voor aangepast sporten. “Toen passend onderwijs werd ingevoerd, dacht ik ‘straks krijg ik iemand in een rolstoel’. Eerlijk gezegd sloeg de paniek wel een beetje toe. Toen ben ik naar informatiemiddagen gegaan en zag ik al snel: je kunt daar van alles mee doen.” Inmiddels geeft Judith les aan onder meer kinderen in een rolstoel, met dwerggroei en met brozebottenziekte. “De jongen met brozebottenziekte is een van de weinigen in Nederland die met een reguliere gymles meedoet. Ik gebruik bijvoorbeeld een zachtere bal en zorg in spelletjes voor ‘vrijplaatsen’ waar hij niet aangevallen of verdedigd kan worden. Zo kan hij gewoon meedoen terwijl hij toch beschermd is.”

Nieuwe spelregels voor iedereen
De aanpassingen die Judith doet, maken het spel voor alle kinderen leuker. “Die vrijplaats is bijvoorbeeld wel leuk, maar soms komt hij er helemaal niet vandaan. Dan werk ik met lintjes: met een rood lintje mag je 4x in de vrijplaats, met een geel lintje 2x enzovoort. Die lintjes kun je ook aan kinderen zonder beperking geven, dat geeft iedereen een uitdaging.” Veel kinderen met een beperking willen het liefst normaal aan alles meedoen. “De leerling met dwerggroei wil bijvoorbeeld geen kortere afstanden lopen dan de rest van de klas, maar hij doet er wel langer over. Als we dan een hardloopwedstrijdje doen, pas ik de puntentelling aan zodat hij in een team evenredig meetelt.”

Extra rolstoel zorgt voor begrip
Op de gymlessen in Beuningen is een sportrolstoel beschikbaar. “Dat betekent dat ik ook kinderen zonder beperking in een rolstoel zet voor een wedstrijdje. In het begin vinden ze het vaak toch een beetje raar dat hun klasgenoot met beperking extra voordelen krijgt en in hun ogen te makkelijk aan de bal komt. Zodra ze het zelf een keer in die rolstoel hebben moeten doen, is dat vooroordeel helemaal weg. Je kunt echt gelijkwaardig sporten. En andersom werkt net zo goed: een van mijn rolstoelgebonden leerlingen vond het gebruik van een tikstok maar stom. Tot een klasgenoot in de rolstoel ging zitten en het machtig interessant vond met die stok.” De sportdag van de nationale sportweek afgelopen september stond helemaal in het teken van aangepast sporten. Met onder meer een racerunner, goalbal en een geblinddoekt af te leggen parcours. “Je merkt dan dat ze elkaar gaan helpen. Maar het allermooiste was wel dat kinderen het ‘de beste sportdag ever’ vonden!”

Uitdaging om oplossingen te vinden
Het bedenken van aangepaste gymlessen is voor Judith vanzelfsprekend, én leuk. “Het inspireert mij. Als je zoals ik twintig jaar in het vak zit moet je jezelf blijven uitdagen, en ik zoek dat altijd in dingen die ik nog niet kan, of die ik kan verbeteren. Op dit gebied is nog zoveel te bedenken, en er is jammer genoeg bijna niks over te vinden. Bijna alles is om te buigen, zelfs ringzwaaien. Dan kun je je in je rolstoel laten voorttrekken met de ringen, of een parcoursje doen waarin je snel moet draaien en keren om de ringen weer te pakken. Alleen dingen als hoogspringen zijn lastig, maar echt niet dat een kind met een beperking bij mij dan alleen het touwtje weer mag ophangen. Dan maak ik gewoon een extra sportonderdeel.”

Cursus voor buurtsportcoaches
Voor inspiratie doet Judith ook mee aan de cursus voor buurtsportcoaches over aangepast sporten van de Gelderse Sport Federatie. “Ik heb de ALO gedaan en ben praktijkgericht, maar soms mis ik de theorie, dus het is fijn daar wat meer over te horen. Buurtsportcoaches die CIOS of Sportkunde hebben gedaan weten dat vaak al, maar zoeken juist naar toepassing in de praktijk. Samen vormen we dus een goede groep waarin we informatie delen. Wat ik ook interessant vind, is dat er aandacht is voor het toeleiden van kinderen naar reguliere sportverenigingen. Wat mij betreft wordt het normaal dat ook mijn kinderen zonder beperking samen sporten met kinderen met beperking. Dat is gewoon de maatschappij.”

Kracht van de beperking inzetten
De cursus bestaat uit drie dagdelen en bij alle dagdelen is een ambassadeur van Gelderland sport onbeperkt betrokken. “Zo gingen we onder leiding van Paul Toes rolstoelbasketballen. Wij zitten zelf regelmatig in onze sportrolstoel om wat uit te proberen, dus de behendigheid was het probleem niet. Maar ik heb zeker wat geleerd van Paul. Bijvoorbeeld dat een rolstoeler best zijn lopende tegenstanders de pas mag afsnijden. Dat is niet jennen, dat is hún gereedschap in plaats van bijvoorbeeld verdedigen, wat in een rolstoel lastiger gaat. We moeten vooral niet te voorzichtig doen met kinderen met een beperking, maar de kracht van hun beperking in de sport inzetten.”

 

×