Direct door naar content
Tijdens gymlessen werd Corné (28) vroeger altijd als laatste gekozen. Nu heeft hij het geschopt tot wereldkampioen pararoeien. afbeelding nieuwsbericht

Tijdens gymlessen werd Corné (28) vroeger altijd als laatste gekozen. Nu heeft hij het geschopt tot wereldkampioen pararoeien.

08 oktober 2017

Dat hij een verkort bovenbeen heeft, houdt hem niet tegen. Corné de Koning werd afgelopen week samen met teamgenoot Annika van der Meer (31) wereldkampioen pararoeien.

Het was echt per toeval dat Corné vijf jaar geleden in een roeiboot belandde. Rolstoelhockey, dat was zijn sport. Hij begon er op zijn twaalde mee en werd zelfs geselecteerd voor het nationale elftal.

Hij stapte voor het eerst in een roeiboot tijdens een teambuildingdag vlak voor een internationaal rolstoelhockeytoernooi. "Het roeien in de boot ging toen nog niet geweldig. Als je eerste keer in roeiboot stapt dan ziet dat er niet uit, maar op het roeiapparaat kon ik wel laten zien dat ik kracht had." Dat viel de bondscoach van het pararoeien ook op tijdens die teammiddag.

"Aan kracht had ik geen tekort. Vanaf mijn 16e  tot mijn 23ste  zat ik vier tot vijf keer in de sportschool krachttraining te doen. Dat vond ik leuk, want dan kon ik elke zomer lekker flaneren in de zon."

De vraag of hij met roeien wilde beginnen, kwam op het goede moment. "Ik vond rolstoelhockey enorm leuk, maar ik wist dat ik fysiek meer in mijn mars had." Wat ook meespeelde: hockey is niet paralympisch. "Dat maakte het roeien voor mij ook interessanter. Dat ik op de Paralympische Spelen in Rio heb geroeid, dat was voor mij de mooiste ervaring in mijn leven."

Behalve die mooie ervaring heeft het sporten hem veel zelfvertrouwen gegeven. "Ik heb altijd op reguliere scholen gezeten. Het enige waar ik niet met mee kon komen was met gym: ik was altijd de laatste die werd gekozen met voetbal. Op zich ook niet onlogisch natuurlijk. Met rolstoelhockey vond ik een sport waarin ik goed was en waar ik mijn energie in kwijt kon. Gewoon over een veld scheuren achter een bal aan en het gevoel hebben dat je het kon. Dat geeft zoveel zelfvertrouwen."

De afstand die paralympische roeiers moeten afleggen is net zo lang als de Olympische Spelen. Twee kilometer dus, terwijl dat vorig jaar nog 1 kilometer was. Corné vond het geen probleem. "Ik vind het goed dat er geen verschil is tussen parasport en validesport. Wij trainen net zo hard als die andere gasten. Wij kunnen die afstand prima aan."

Samen met Annika traint hij vier dagen per week. Dan leer je elkaar ook goed kennen. "Je deelt alles wel als je zoveel met elkaar optrekt. Je ziet elkaar best veel en je zit ook nog dicht op elkaar in de boot." De twee roeiers hebben een goede vriendschap opgebouwd. Volgens Corné is het in een roeiboot ook nodig om open naar elkaar te zijn. "Als ik niet lekker in mijn vel zit dan heeft dat ook invloed op het roeien." Zijn advies voor andere sporters is daarom ook om vooral niet op te geven: "Het lijkt soms dat een bepaalde sport niet mogelijk voor je is. Wees creatief, en blijf naar de mogelijkheden kijken die er wel zijn."

×

Zoeken