Direct door naar content
Na zijn dwarslaesie slaagde Allen (43) in de sport én in de liefde afbeelding nieuwsbericht

Na zijn dwarslaesie slaagde Allen (43) in de sport én in de liefde

20 december 2017

Voor het eerst in zijn leven wist Allen Beauchamp (43) niet meer wat hij moest doen. Hij zou nooit meer kunnen lopen, vanwege een dwarslaesie. Allen had geen idee wat hij nog allemaal wél kon doen.

Ik was 35 toen ik betrokken raakte bij een auto-ongeluk.
Ik was er zo slecht aan toe, dat ik bang was dat ik het niet zou overleven. Gelukkig waren de hulpdiensten er op tijd bij. Eenmaal in het ziekenhuis, kwam de arts mijn kamer binnenlopen en zei: ‘Allen, wat ik je nu ga zeggen kan ik niet anders brengen dan het is. Je zult nooit meer kunnen lopen.’ Mijn familie was op dat moment bij me in de kamer terwijl mijn wereld instortte. Ik wilde alleen zijn en vroeg aan hem om me even met rust te laten. Voor het eerst in mijn leven wist ik niet meer wat ik met mijn leven moest doen.

Ik had altijd al hockey gespeeld, en na het ongeluk dacht ik niet dat ik ooit nog in staat zou zijn om te sporten. Tot ik iemand sprak die een ice hockey coach kende voor para-spelers. Hij bracht me met hem in contact. De eerste keer was ik maar 20 minuten in staat om op het ijs mee te doen, en toch kan ik je niet vertellen hoe gaaf ik het vond. De geur van de ijsbaan, de sensatie. Ik voelde zoveel passie voor de sport die ik altijd zo graag had beoefend! Na die ene training ben ik nooit meer gestopt. Ik heb een hoop nieuwe vaardigheden moeten leren, maar ik werd alleen maar beter en beter.

Gelukkig had ik het ijs hockeyen, want ik dacht niet dat het ooit nog wat met mij en de liefde zou worden. Ik was ook helemaal niet op zoek naar een relatie. Wel zag ik berichten van een vrouw waar ik vroeger mee op de middelbare school had gezeten. Ik herinnerde me haar naam nog, en haar vrolijke, leuke en positieve berichten vielen me op. Zulke blije en positieve mensen, daar wil ik er meer van in mijn leven, dacht ik.

Toevallig genoeg kwam ik haar niet veel later tegen op een feestje van gemeenschappelijke vrienden. ‘Wat leuk om je eindelijk weer te ontmoeten’, zei ze, en gaf me een knuffel. Vervolgens zat ze naast me. Ik raakte haar hand even aan, een klopje om dankjewel te zeggen. Later zei ze: ‘Toen je dat deed, voelde ik meteen dat ik van je hield.’

Haar liefde maakte me ook onzeker. Wat moest ze nou met mij, dacht ik. Aan het prille begin van onze relatie keek ik haar een keer ernstig aan en zei: ‘Ik wil je niet wegjagen, maar wat ik je nu ga zeggen moet me van het hart. Ik weet niet of ik wel seks kan hebben.’ Ze keek me aan een zei: ‘Allen, of dat wel of niet kan: ik hou van je.’ Toen wist ik dat dit ware liefde was. Als we het er nog weleens over hebben, over die dag, moeten we alleen maar lachen om hoe onzeker ik was. Ik vind het geweldig dat me dit is overkomen. Zij is geweldig. We wonen nu samen, met haar zoon, en volgend jaar trouwen we. Ik kan niet gelukkiger zijn dan dat ik nu ben.

Voor iedereen is er een liefde, daar ben ik van overtuigd. Wat je beperkingen of uitdagingen ook zijn. Sluit je niet voor een ander af, laat niks je in de weg zitten om van de liefde te mogen genieten.

 

Bron: wheel.life.org

×