Direct door naar content

Zo moeilijk: als je verstandelijk beperkte kind niet meer thuis kan zijn

Zo moeilijk: als je verstandelijk beperkte kind niet meer thuis kan zijn afbeelding nieuwsbericht
03 januari 2018

Suzanne's zoon Richard (18) is verstandelijk gehandicapt. Binnenkort wordt hij opgenomen in een instelling waar hij fulltime gaat wonen. Suzanne heeft het daar ontzettend moeilijk mee en schrijft haar zoon een brief.

Lieve Richard,


Deze brief is voor jou, maar je zult 'm nooit lezen. Je kunt niet lezen en gaat dat ook nooit leren. Ik zou het je voor kunnen lezen, als je gehoor beter was. Ik zou de inhoud ervan aan je uit kunnen leggen, als je dat zou kunnen begrijpen. Dat is allemaal niet zo. Ik schrijf deze brief dus eigenlijk vooral voor mezelf en voor alle mensen die zich hierin herkennen. Je bent inmiddels 18 jaar. Alle jaren sinds je geboorte hebben je vader en ik voor je gezorgd met alles wat we in ons hadden. We zeiden altijd: jij blijft bij ons. Al was het zwaar en al wisten we dat het alleen maar zwaarder zou worden naarmate je ouder, zwaarder en sterker zou worden. Je kwam bij ons als te vroeg geboren baby'tje. Zo klein, zo kwetsbaar. Inmiddels weeg je 70 kilo. Klein ben je niet meer, maar voor mijn gevoel nog minstens zo kwetsbaar.  

De dromen die ik had toen ik zwanger van jou was, heb ik niet meer. Ik fantaseerde over je eerste woordjes, je eerste fietsritje zonder zijwieltjes en over hoe ik je zou toekijken tijdens je afstuderen. Van één ding was ik in ieder geval zeker: jij zou nooit meer uit mijn leven verdwijnen. En zo geschiedde. Al werd alles anders dan ik ooit had gedacht. Je werd in 18 jaar fysiek een grote man, maar van binnen bleef je een baby. Je bleef me net zo hard nodig hebben als de dag dat je geboren werd. Geen vooruitgang, amper ontwikkeling. Mensen hoefden bij mij niet aan te komen met verhalen over uithuisplaatsing. Jij bent mijn kind. Die laat je niet los. En nu moet ik mijn belofte toch verbreken. Het breekt mijn hart.

Ik heb lang gedacht dat ik een soort supervrouw was. Al sliep ik amper, al deed mijn lijf pijn, altijd lukte het me om door te gaan. Ik had nooit gedacht dat er een moment kwam waarop dat stopte. Waarop het lontje echt op zou branden. Dus toch. Ik heb me er lang tegen verzet. De artsen hebben me wel duizend keer duidelijk gemaakt:  accepteer hulp. Pas toen ik helemaal leeg was, nam ik het van ze aan. Over een paar weken ga je. Je spulletjes gaan met je mee, zodat je daar weer zo snel mogelijk je eigen wereldje op kunt bouwen.

Ik zal zo vaak langskomen dat je niet eens merkt dat je niet meer thuis woont. Nee, wie houd ik voor de gek? Natuurlijk merk je dat. Knuffelen met mama is anders dan met een verpleegster. Net als zij anders tegen je zullen praten, in de nacht door je haar zullen strelen wanneer je in paniek bent voor het donker. Lieve Richie. Ik hoop dat je het me kunt vergeven dat ik jouw zorg nu met anderen ga delen. De artsen zeggen: je doet het ook voor hem. Wat heeft hij aan een moeder die zelf ziek wordt? Natuurlijk hebben ze gelijk. Niemand ziet dit als falen, toch heb ik moeite dat gevoel los te laten. Maar het is tijd. Voor ons en voor jou. Al woon je hier straks niet meer.  Bij ons ben je altijd thuis.

Terug naar overzicht Vind jouw Unieke Sport
×