Direct door naar content
5 dingen die deze moeder van haar gehandicapte kind leerde afbeelding nieuwsbericht

5 dingen die deze moeder van haar gehandicapte kind leerde

06 april 2018

Arienne (43) is sinds negen jaar moeder van Aidan. Toen bleek dat haar zoon nooit zou kunnen lopen, nam ze zich voor de perfecte moeder voor hem te worden. Dat lukte niet helemaal. Ze deelt vijf dingen die ze eerst moest leren.

1. Ik hoef hem niet te beschermen
Iets te vaak heb ik het voor hem opgenomen. Iets te vaak heb ik zijn gevechten voor hem gevochten. Iets te vaak heb ik gezegd: laat mij maar. Toen bleek dat Aidan nooit zou gaan lopen, was het eerste wat ik dacht: ‘Ik ga geen slachtoffer van hem maken.’ Mijn plan was om hem altijd zoveel mogelijk zelf te laten doen. Zodat hij sterk zou worden, zowel fysiek en psychisch. Zo leerde hij ook met tegenslagen omgaan. Hoe anders liep het in werkelijkheid. Ik weet nog dat ik hem na zijn eerste schooldag ophaalde. Kinderen hadden gezegd dat zijn rolstoel raar was. Zelf haalde hij zijn schouders erover op. Mijn hart brak. Ik vroeg een gesprek aan met de juf, vocht als een leeuw voor mijn kind. Ik dacht dat hij dat nodig had. Ik wilde zo graag dat hij normaal mee kon doen, terwijl het enige abnormale aan de situatie was dat deze moeder er zo bovenop zat. De juf zei ook: ‘Ieder kind moet wennen. Ieder kind staat in het begin wel eens alleen in een hoekje op het schoolplein.’ Ik wilde hem teveel beschermen. Die fout had ik vaker gemaakt en zal ik nog vaker maken ook.

2. Hij kan meer dan ik denk
Altijd was ik bang om teveel van hem te vragen. Ik wilde hem niet frustreren door te verwachten dat hij hetzelfde deed als andere kinderen van zijn leeftijd. Dus zei ik dat hij vooral rustig aan moest doen en dat het niet erg was als het niet meteen lukte. Tot hij op een dag tegen me zei: ‘Mam, hou eens op.’ Hij wilde het wél proberen. En verdomd, het lukte nog ook. Wat het ook was. Mee op een kinderfeestje, mee voetballen buiten met vriendjes. Hij verzint altijd een manier om het te laten slagen. Niet precies zoals zijn vriendjes het doen, maar op zijn eigen wijze. Ik had hem meer aan mogen moedigen. De angst dat dat hem juist een gevoel van falen gaf, was niet terecht. Blijkbaar was mijn kind sterker dan ik al die tijd dacht.

3. Het ligt niet (altijd) aan mij
Wanneer hij weer eens gefrustreerd was en huilend en tierend op bed lag, dacht ik altijd meteen: ‘Wat had ik kunnen doen? Wat had ik beter moeten doen?’ Terwijl het niet om mij ging. Alle negativiteit betrok ik op mezelf en de positiviteit schreef ik aan mijn kind toe. Daarmee heb ik ons allebei tekort gedaan. Het leven is niet alleen maar leuk. Of je nou in een rolstoel zit of niet. Er zijn mooie momenten, er zijn slechte momenten. Dat heeft helemaal niets met mij als moeder te maken. .

4. Er is geen haast
Als je me vraagt: wat was het zwaarst de laatste jaren? Dan was het altijd geduld houden. Doktoren, instellingen, medicijnen. Ze lieten mijns inziens allemaal te lang op zich wachten. Ik begreep dat mijn kind niet hun enige prioriteit was, maar wel de mijne. Wat heb ik mezelf en mijn gezin veel stress gezorgd door altijd maar sneller te willen. Inmiddels doe ik dat anders. Lukt het vandaag niet, dan morgen. Het maakt het in huis een stuk rustiger en meer ontspannen. En Aidan geniet daar nog wel het meeste van.

5. Ik moet met hem praten, niet over hem
Ik vind het vreselijk wanneer andere mensen het doen, toch heb ik het ook gedaan. Zeker toen Aidan net naar school ging. Wat kan hij wel? Wat kan hij niet? De juf vroeg het aan mij en ik antwoordde alsof hij niet gewoon naast me zat. In het ziekenhuis gebeurde het ook wel eens. Nu Aidan ouder is, laat hij dat niet meer gebeuren. ‘Ik zit gewoon hier, hoor’, zegt hij dan. Hij heeft gelijk. Zijn benen werken misschien niet, zijn koppie wel.

×

Zoeken