Direct door naar content
‘Bedankt ober, die ons serveerde alsof we geen apart clubbie waren’ afbeelding nieuwsbericht

‘Bedankt ober, die ons serveerde alsof we geen apart clubbie waren’

20 april 2018

Jozef (23) had een reünie van het revalidatiecentrum. Het was een bont gezelschap met een hoog rolstoel en krukken-gehalte. Hulde voor de ober die hen behandelde net als ieder ander.

“Het moet er apart uit hebben gezien. Een groepje van tien mannen en vrouwen, bijna allemaal zichtbaar beperkt. Er kwamen rolstoelen binnen, krukken en iemand met een slepend been. We moesten er zelf het hardst om lachen. ‘Kijk ons nou,’ zei één van ons. ‘FC Knudde komt binnen, hoor.’ Je kan beter lachen dan huilen, ontdekte ik de laatste maanden wel. Door een ongeluk op mijn werk raakte ik gewond aan mijn rug. Ik heb vier maanden moeten revalideren om uit mijn rolstoel te kunnen opstaan. Zoals het ooit was, wordt mijn lijf niet meer. Ik loop weer zelf, al is het met krukken. Zo heeft iedereen in ons clubje een verhaal. We leerden elkaar kennen in het revalidatiecentrum. Voor de één was zelf zijn rolstoel voortbewegen het hoogst haalbare, de ander werkte keihard om weer te kunnen lopen. We zijn van verschillende leeftijden en verschillende afkomsten, maar wat we mee hebben gemaakt verbindt ons.

Er ontstond een bijzondere vriendengroep. Één voor één verlieten we het revalidatiecentrum, maar we hielden via Facebook en WhatsApp contact. Na een half jaar kwam iemand met het idee voor een reünie. Gewoon lekker met zijn allen de kroeg in, een biertje of wijntje drinken en bijpraten. We spraken af in het stamcafe van Martijn, één van ons, in Rotterdam. Toen kwamen we daar dus met zijn tienen binnen. Ik was bang voor de blikken en voor de reacties. Ik liep voorop en duwde de deur open. De ober ontving ons en wees ons op het hoekje met een grote tafel, die hij voor ons had gereserveerd. Er kwam bier, er kwam wijn, er kwamen bitterballen. 

De ober bediende ons alsof hij iedere andere vriendengroep te gast had. Hij zei niets, hij keek niet, hij vroeg niets. Alleen of hij nog wat bij moest schenken. Ook de gasten keken niet op of om. Ze kenden Martijn, één van ons, al. Die kwam er iedere week. Aan zijn rolstoel waren ze gewend, een paar stoelen erbij maakte ze niets uit. Het maakte het een avond om nooit meer te vergeten, omdat we ons even voelden als alle andere kroeggangers. En dat zijn we ook! We waren gewoon op zoek naar een goed gesprek, wat gezelschap en een lekker drankje. Het was voor velen van ons, en ook voor mij, de eerste keer in de stad sinds we onze handicap opliepen. Ik had er tegenop gezien en naar uitgekeken tegelijk. Dankzij de geweldige ober en de fijne gasten in het café was het een geweldige eerste keer. Het geeft me moed voor alle keren die nog gaan komen. Dus via deze weg bedank ik de kroeg die FC Knudde ontving, en daar helemaal niet van opkeek.’

×