Direct door naar content
Let op deze blessures als je gaat rolstoelwandelen afbeelding nieuwsbericht

Let op deze blessures als je gaat rolstoelwandelen

07 juni 2018

Heb jij het rolstoelwandelen al ontdekt? Dat is een ideale manier om in je rolstoel de natuur te ontdekken. Nederland heeft allerlei mooie paden waar jij prima kunt rollen. Let wel op dat je niet overenthousiast wordt: je kan ook blessures krijgen van dat wandelen in je rolstoel.

Eerder kon je hier al lezen hoe je met je rolstoel de natuur in kunt trekken op rolstoelvriendelijke paden. Bijvoorbeeld de bekende 'Koninklijke weg' tussen Den Haag en Apeldoorn. Voor jij de smaak iets te veel te pakken krijgt en die hele route van 170 kilometer gaat afleggen, is het goed om te weten dat veel blessures onder rolstoelwandelaars door overbelasting komen. We geven je de meest voorkomende:

1. Carpaletunnelsyndroom
Deze blessure aan de pols komt onder rolstoelwandelaars regelmatig voor. Dat komt doordat je herhaaldelijk je pols moet buigen en strekken om je rolstoel vooruit te duwen. Je krijgt hierdoor een tintelend of doof gevoel van in je handen. Wat kun je daaraan doen? Je kunt het contactpunt met het wiel veranderen naar een breder stuk met je duimmuis en meerdere vingers. Het is goed om te zorgen voor voldoende afwisseling in de spanning en ontspanning van je onderarmspieren. Dat kan door af en toe wat langer van een uitzicht te genieten.

2. Tenniselleboog
Ook als je geen tennisracket in je handen hebt kun je een tenniselleboog oplopen. Dit wordt meestal veroorzaakt door een verkeerde techniek van het duwen van je rolstoel. Als je lang op pad gaat kan dat een vervelend gevoel in de knobbel van je elleboog geven, wat verder kan uitstralen naar je arm. Deze blessure kun je deels voorkomen door te zorgen voor voldoende ontspanning van je onderarmspieren. Daarnaast kun je je armen versterken door te trainen op wat grovere bewegingen.

3. Schouderblessures
Onder rolstoelwandelaars komen schouderblessures vaak voor, omdat je je schouders meer belast. Dat is wel afhankelijk van hoeveel lichaamsbeweging je krijgt. Als je naast het wandelen nog andere activiteiten doet zal je er minder snel last van krijgen. Door regelmatig spierversterkende oefeningen te doen kun je deze blessure voor zijn. Denk dan bijvoorbeeld aan het naar achteren trekken van je schouders met een elastieken koord.

4. Blessures aan de romp
Voor jou is een stabiele en comfortabele zithouding extra belangrijk. Dat zorgt namelijk ook dat je lage rugklachten en buikspierblessures voorkomt. Als je weinig controle hebt over je buikspieren dan kun je een band gebruiken om je romp aan je stoel vast te maken. Dan wiebel je ook minder. Buikspieroefeningen zijn altijd goed om te doen, ook als die niet volledig functioneren. Verder kun je tijdens het wandelen je rug ontlasten door je uit te rekken en zover mogelijk achterover te leunen.
 

Bron: Gezond Wandelen, praktisch handboek over de wandelsport

×